Ik heb een zwarte met lang haar en een pony. Een donkerrode met a-symetrische coupe. Een schattige blonde krullenpruik. Een gothic-pruik, heel geschikt voor Halloween. Een dirty blonde met semi-sexy lok. En nog twee pruiken waar ik geen afstand van kan doen maar waarvan de haren zijn gaan klitten en in vieze dikke stroken langs je rug vallen, met een vogelnestje op je kruin. Geen pronkstukken, maar je weet maar nooit wanneer ze nog eens van pas komen.
Als je een pruik nodig hebt en zou moeten gokken bij wie van je vrienden je de meeste kans maakt om een puik exemplaar te lenen, dan kun je je geld met je ogen dicht op mij inzetten – altijd prijs. Dus echt verbaasd was ik niet over zijn sms. Wel over de timing. We hadden elkaar al twee maanden niet gezien, misschien vijf berichtjes uitgewisseld in de tussentijd.
Uit ongemakkelijkheid vroeg ik hem twee keer achter elkaar hoe het met hem was. ‘Ja, wel goed’, zei hij de eerste keer, en ‘ja, wel goed dus’, de tweede keer. Ik greep een stoel en liep snel naar de slaapkamer om de aanwezige voorraad uit de kast te pakken. Op mijn tenen balanceerde ik op de zitting en wist precies het hengsel van de lullige Albert Heijn-tas om mijn middelvinger heen te winden. Terwijl ik de pruikentas van de bovenste plank trok, keek ik vluchtig opzij. Daar zat hij, uiterst ontspannen aan mijn keukentafel met een flesje Heineken.
Terwijl hij de lange haren van hun plastic zakjes ontdeed en één voor één uitprobeerde, vertelde hij tussen neus en lippen door dat hij mijn blog had gelezen. ‘Ik kon er niet echt een lijn in ontdekken. Deze is trouwens wel heel cool.’ Hij flirtte met zijn spiegelbeeld, herschikte de blonde krullen totdat zijn eigen haar niet langer zichtbaar was. ‘Mag ik deze mee vanavond?’
Ik knikte instemmend, lievelingspruik mee prima, geen lijn in blog prima. In het bijzijn van sommige mensen heb ik kennelijk geen mening meer. Kennelijk is hij zo’n mens.
Ik trok nog twee biertjes uit de ijskast. Hij vulde de kamer met verhalen over zijn skivakantie en het feestje in het park dat hij wilde organiseren. Ik kon mijn vinger er niet achter krijgen. Zat hij hier voor mij of voor zijn outfit?
‘s Nachts haalde hij me thuis op. Half een ofzo, ik lag eigenlijk al in bed. Maar ik heb nu eenmaal een ding met vage gasten. Dus had ik mijn kleren weer aangetrokken toen hij vroeg of ik nog zin had in een biertje.
Nog ‘s nachtser fietste hij me weer naar huis. Binnen duurde het even voordat we weer zoenden. Voordat hij zijn hawaii-shirt uittrok, de blonde afro in een hoek smeet. De kleren van mijn lijf stroopte. Me naakt naar de bank tilde.
Met hem duurt alles langer dan verwacht.
De volgende ochtend dronken we koffie. Mijn haar zat net zo in de war als mijn afgeragde pruiken. Bij de deur zoende hij me op mijn mond. Draaide zich nog op de fiets nog een keer om.
Toch had ik het idee dat het hem vooral om de krullenpruik te doen was. En wist ik niet eens of ik hem dat kwalijk kon nemen.